Natuurjournaal 22 mei

Veel hooibeestjes en azuurwaterjuffers

Het hooibeestje heeft het klein koolwitje verstoten van de koppositie op de lijst van meest doorgegeven vlindersoorten. Toch zit het hooibeestje nog maar op aan het begin van zijn vliegtijd. De hoofdvliegtijd is de hele maand juni. Het hooibeestje is niet echt kieskeurig en drinkt nectar bij zo’n tachtig verschillende planten in ruigten en bloemrijke graslanden. De mannetjes hebben normaal gesproken een territorium waarin ze patrouilleren, maar omdat de maximumtemperaturen nu zeer hoog zijn, vliegen ze meer rond. De citroenvlinder staat ook nog hoog op de lijst, maar over ruim een week zit de eerste vliegperiode erop. De volgende generatie citroenvlinders wordt pas in juli verwacht.

Hooibeestje (Bron: Jan van der Straaten, Saxifraga)

Bij de libellen staat de azuurwaterjuffer op de eerste plaats van meest waargenomen soorten. Je kunt dit blauwzwarte juffertje in heel Nederland aantreffen, maar de kans is het grootst op de hogere zandgronden. Het uit elkaar houden van de verschillende blauwe waterjuffers is soms wel een uitdaging. Op het tweede segment van het smalle achterlijf (vanaf het borststuk gezien) van de azuurwaterjuffer staat doorgaans een U-vormige zwarte tekening. Je moet maar net even weten waar je naar moet kijken… . Ze vliegen nog tot eind juli, dus er is nog flink wat tijd om te oefenen langs de waterkant van stilstaande en zwakstromende wateren op zandbodem.

Azuurwaterjuffer (Bron: Ab H. Baas, Saxifraga)