Paarse schijnridderzwam

Natuurjournaal 22 oktober

Zoek de paarse schijnridderzwam en zalm eindelijk op paaigrond

Een opvallende verschijning op de bosbodem is de paarse schijnridderzwam. Sommige exemplaren zijn rozebruin, maar de meeste zijn echt lichtpaars. De steel en de lamellen hebben een iets lichtere tint. Paarse schijnridderzwammen groeien in een voedsel- en humusrijke bodem, in bossen maar ook op meer open plekken. Vaak staan ze in groepen of in een heksenkring. De paddenstoel wordt wel eens gegeten, maar sommige mensen zijn er allergisch voor en krijgen er buikpijn van.

Zalm, Salmo Salar
Jonge zalmen blijven één tot drie jaar in hun geboorterivier (Bron: Patrick Dockens)

De hele zomer zijn volwassen zalmen onderweg geweest naar hun geboortegrond. In Nederland zwommen ze door de Rijn en de Maas naar kleine zijriviertjes in Duitsland en Frankrijk. Nu is de paaitijd aangebroken. In snelstromende delen graaft het vrouwtje een kuil, die wel een paar meter lang kan zijn. Na de balts zetten man en vrouw hom en kuit af: zaad en eitjes. Ze worden snel in het grind begraven. Daarna gaat vrouw zalm een nieuwe kuil graven. Zalmen kunnen namelijk meerdere keren paaien; alhoewel de meeste het na één of twee keer voor gezien houden. De lange trek en het paaien zijn uitputtend. Bijna alle zalmen gaan dood aan het einde van de paaitijd. Maar sommige vrouwtjes herstellen, en zwemmen terug naar zee.

Tekst: Nienke Lameris, NatureToday.nl
Foto’s:  Natuurpuur, Wikimedia Commons; Patrick Dockens, Flickr