Reuzenbalsemien

Natuurjournaal 23 oktober

Reuzenbalsemien staat op knappen en bokje blijft onzichtbaar

Op vochtige en voedselrijke plekken kunnen enorme bossen reuzenbalsemien groeien. Nu hangen de planten vol met groene zaaddozen. Net als bij het inheemse springzaad knappen deze uit elkaar bij aanraking. De zaden springen weg en zo breidt de plant zich uit. Springbalsemien wordt ze dan ook wel genoemd. Oorspronkelijk komt reuzenbalsemien uit de Himalaya en Noord-India. In de negentiende eeuw is ze hier gekomen als tuinplant. Dat liep al snel uit de hand, en nu wordt ze gezien als invasieve exoot. Waar reuzenbalsemien groeit, is geen plek voor andere planten. Jammer, want als je die dikke zaaddozen ziet hangen, is het moeilijk je in te houden en ze niet allemaal te laten exploderen.

Het bokje drukt zich (Bron: Rob Felix)

Het bokje is geen geit maar ons kleinste snipje. De vogels lijken heel erg op een watersnip, maar dan met een korte snavel. En ze zijn een stuk kleiner, niet groter dan een spreeuw. Op dit moment zijn er veel bokjes op doortrek. Maar daar merk je niet veel van: ze trekken ’s nachts en houden zich overdag gedeisd. Ze houden van natte plekken met veel begroeiing. Daar verstoppen ze zich, en vliegen pas op wanneer je bijna op ze staat. De naam is trouwens verwarrend. Daardoor zou je denken dat ze mekkeren als een geit. Maar ze zijn vrij zwijgzaam, en de opvallende baltsroep klinkt juist als galopperende paarden. Waarschijnlijk werd de naam vroeger gebruikt voor de watersnip, die wel mekkert.

Tekst: Nienke Lameris, NatureToday.nl
Foto’s:  Roel Meijer, Saxifraga; Rob Felix, Saxifraga