Natuurjournaal 24 december

Gele trilzwam valt op en bijenhotels nog deels vol

De gele trilzwammen zijn er weer. Zodra het echt wat kouder wordt, kan je deze gele puddinkjes aantreffen op dode takken van onder andere zomereiken. Ze komen overal in Nederland voor. Blijkbaar vinden ze kou wel lekker. Dat is op zich merkwaardig, want ze zijn heel teer. Bevriezen kunnen ze ook, maar als het weer wat warmer wordt, komt het puddinkje weer tot leven en ‘trilt’ het rustig verder alsof er niets gebeurd is. Sommige exemplaren zijn in een jong stadium eerst oranje en pas later helder geel. Deze zwam is een zogenaamde biotrofe parasiet, wat betekent dat hij parasiteert op een ander levend organisme. Ondanks dat je dat niet altijd ziet, zal je dan ook vaak de paars gekleurde eikenschorszwam in de nabijheid vinden. Kan je die ook vinden?

Bijenhotel (Bron: Mike Hirschler)

Als je goed naar een bijenhotel kijkt, dan zal je zien dat sommige van de dichtgemetselde kamertje nog steeds dicht zijn. Dat kan kloppen. Een aantal dieren is al uitgeslopen in het najaar om elders te overwinteren, maar er zijn er ook die nog even blijven. In het gangetje zitten een aantal eitjes of larfjes, ieder in een eigen kamertje, voorzien van wat stuifmeel als voedsel. Zij die het verst in de gang gelegd zijn, komen het laatst uit. Bij dat uitkomen in het voorjaar zijn het eerst de mannetjes die verschijnen. Die wachten vervolgens op de vrouwtjes, om ze onmiddellijk te bevruchten na het uitkomen. Dat duurt nog wel even. Maak eens een foto van je bijenhotel en kijk in de loop van het voorjaar welke kamertjes alsnog open zijn gegaan.

Tekst en foto’s: Mike Hirschler, IVN