Natuurjournaal 30 april

Rietzanger is terug en gewone bandspanner vliegt

In de wat oudere rietvelden kan je nu de rietzanger horen zingen. Net als bij veel andere kleine bruine rietvogels is zien altijd wel een dingetje, maar hij is gelukkig wel goed te horen. Mocht je hem spotten, dan kan je hem herkennen aan de markante tekening op de kop. Door het oog loopt een dunne donkere streep, boven het oog zit een brede lichtbruine streep en hij heeft een bijna zwarte pet met een lichtere streep daar weer middenin. Het is onmiskenbaar. Wat ook onmiskenbaar is, is dat hij tijdens het zingen regelmatig uit het riet ‘springt’ tijdens korte baltsvluchten. Je moet er soms wat geduld voor hebben. Als je dan een hoop gekwetter hoort en een vogel ineens boven het riet uit ziet komen en er meteen weer in ziet verdwijnen, heb je bijna zeker een rietzanger te pakken. Dan wordt het die plek in de gaten houden en wachten totdat het meneer belieft een keer wat hoger in het riet te gaan zitten, zodat je hem ook nog kan zien.

Gewone bandspanner (Bron: Mike Hirschler)

Je hebt dagvlinders, die overdag vliegen, en nachtvlinders die ’s nachts vliegen. Niet alle vlinders houden zich aan deze code en dus is er een grote groep ‘dagactieve nachtvlinders’; nachtvlinders dus, die ook overdag actief kunnen zijn. Daar zijn er zo’n honderd soorten van in Nederland. De gewone bandspanner is er zo één. Het is een zeer algemeen voorkomende vlinder, niet groot, maar des te fijner gekleurd met tinten bruin en beige, gelardeerd met zwarte stippen op de rug en zwarte ringen op een band over de vleugels. Voor de kenners van planten: de waardplant van dit vlindertje is walstro. Daar in de buurt moet je dus zoeken.

Tekst: Mike Hirschler, IVN
Foto’s: Harry van Oosterhout, Saxifraga; Mike Hirschler, IVN