Beklierde kogeldistel

Herkenning
Bloemen: Tweeslachtig (een bloem met zowel mannelijke als vrouwelijke geslachtsorganen). De alleenstaande, bolvormige bloeiwijze is 3-6 cm. Deze is samengesteld uit talrijke lichtblauwe, blauwgroene of iets witachtige hoofdjes. Alle bloemen zijn buisvormig (geen straalbloemen). De witte buitenomwindselharen staan vrij of zijn alleen aan de voet vergroeid. Bladeren: De bladen zijn distelachtig, langwerpig-elliptisch en veerspletig. Ze hebben een fijnstekelige rand. De bladslippen lopen in een fijne stekel uit. Aan de bovenkant groeien tot 0,5 mm lange klierharen en gewone haren, van onderen zijn ze witviltig.

Groeiplaats
Zonnige, vrij open plaatsen op droge, matig voedselrijke grond (stenige en grazige plaatsen).

Voorkomen
Zeer zeldzaam. Min of meer ingeburgerd langs de Rijn en de Waal.