Heksenmelk

Heksenmelk staat op zonnige tot half beschaduwde, droge tot meestal vochtige, matig voedselrijke, vaak kalkhoudende zand-, leem-, zavel- en kleibodems en verder op stenige plaatsen, ze verdraagt bemesting. De overblijvende plant groeit in weilanden en bermen, op rivierdijken en ruigten, in struwelen en bosjes, op spoorwegemplacementen en industrieterreinen, tussen straatstenen en in de aanspoelselgordels in de hoge delen van uiterwaarden. Het soortencomplex waartoe Heksenmelk behoort thuis in Europa en Azië en is ingeburgerd in Noord-Amerika. In Nederland is ze vrij algemeen in het rivierengebied en in de duinen, in laagveen- en zeekleigebieden, in stedelijke gebied en plaatselijk in Zeeland. Ze is zeldzaam in de zandgebieden van Noordoost- en Midden-Nederland. Heksenmelk is waarschijnlijk inheems, maar tegenwoordig komt een ander, zonder twijfel niet-inheems taxon (met onzeker identiteit) meer frequent voor en vormt hiermee bastaardzwermen, wat de determinatie zeer bemoeilijkt. Het soortencomplex vergt nadere studie en moet zeer waarschijnlijk verder opgesplitst worden.