Oosterse morgenster

Oosterse morgenster werd reeds in de eerste helft van de vorige eeuw gezien als stroomdalplant; dat is een plantensoort die kenmerkend is voor het gebied van de grote rivieren. Hoewel het verspreidingsbeeld wordt vertroebeld door uitzaai via wilde-bloemenmengsels is het hoofdverspreidingsgebied ook nu nog steeds het fluviatiele floradistrict. Daar is deze soort van dijkbermen en oeverwallen gedurende de laatste decennia vrij sterk achteruitgegaan. In tegenstelling tot de nauw verwante Gele morgenster groeit de Oosterse niet op ruderale standplaatsen. In Nederland is de plant vrij sterk gebonden aan glanshavervegetaties die door de mens in stand worden gehouden door middel van maaien en hooien. Buiten de bloeitijd is Oosterse morgenster moeilijk te onderscheiden van Gele morgenster. De goudgele tot oranjegele lintbloemen van de Oosterse morgenster steken buiten de omwindselblaadjes uit. Daarnaast hebben de helmknoppen een paars-blauwe streep.