Paarse schubwortel

Paarse schubwortel staat op beschaduwde, droge tot vochtige, licht zure, voedselrijke en humeuze leembodems. Ze parasiteert op de wortels van loofbomen en struiken, vooral op populieren en wilgen maar ook wel op hazelaar en andere soorten. Ze groeit in rivierbegeleidende elzen- en populierenbossen, in heggen, struwelen en in hakhout. De typische Europese plant stamt uit Zuidwest-Europa en noordelijk tot in Midden-Frankrijk en is elders gecultiveerd en plaatselijk ingeburgerd (soms al eeuwen). De soort is zeer zeldzaam ingeburgerd in oude parken, heemtuinen en landgoederen. Van deze markante en onmiskenbare parasiet komen alleen de paarse bloemen boven de grond en wel rechtstreeks uit de wortelstok. Ze wordt bestoven door hommels, de grote, enigszins afgeplatte zaden worden bij rijpheid weggeslingerd. Daarnaast wordt de plant verspreid met pootgoed of doordat delen van de wortelstok met water meegevoerd kunnen worden. Het kan tot 10 jaar duren (meestal echter 3 jaar) voordat de parasiet boven de grond verschijnt.