Tuinboon

Tuinboon groeit het liefst op klei en rijke leem en bezit een behoorlijke zouttolerantie. In onze contreien is de plant een efemere verschijning op braakliggende grond en stortterreinen, in bermen en op ruderale plaatsen. De herkomst van Tuinboon is niet duidelijk, zowel Noord-Afrika als Zuidwest-, Centraal- en Zuid-Aziƫ worden genoemd. Het is een zeer oude cultuurplant uit de Oude Wereld waarvan de geschiedenis meer dan 6000 jaar teruggaat en die tegenwoordig wereldwijd gekweekt wordt als groente, als veevoer of groenbemester. De variabele plant wordt in Nederland hier en daar in verwilderde staat aangetroffen en wordt vaak als verontreiniging in vogelvoer aangevoerd. Ze werd en wordt op diverse manieren gebruikt, zo worden de jonge bladeren als spinazie bereid en gegeten of verwerkt in soepen en salades, de gekookte of gebakken bonen zijn eveneens goed eetbaar. Ze speelt nog steeds een rol bij allerlei gebruiken en rituelen en was vroeger ook nog als een laxeermiddel in zwang.