Boswachterspad Rolderrug (21 km)

Dit boswachterspad voert je door Nationaal Park Drentsche Aa over stuwwallen en heidevelden, met hunebedden, grafheuvels en oude karrensporen. Onderweg kun je talrijke dieren en planten ontdekken. Dus rugzak met proviand en verrekijker mee en stappen maar.

Stevige route
Kees van Son: “Deze route combineert historie en natuur. De Drentsche Aa is een schatkamer vol historische parels en natuurjuweeltjes. Het is een stevige route en komt natuurlijk langs bekende Drentse iconen als hunebedden en heidevelden. Een van mijn favoriete plekken is het bij hunebed van Loon. Het ligt op een markant punt met rondom vrij uitzicht. En het is het enige hunebed van ons land dat je vanuit de trein kunt zien.
Maar de Drentsche Aa heeft meer. In het voorjaar vind je hier rijk bloeiende hooilanden en zwevende weidebeekjuffers in de beekdalen. Eind augustus / begin september staat de heide van het Ballooerveld in bloei. En in de winter geniet ik van de ‘oernatuur’ in het beekdal van het Rolderdiep. De weidse vergezichten, de harde wind of mist en het desolate, sinistere landschap laten een glimp zien van hoe het hier vroeger was.”

Over deze route
Je kunt deze route op 2 plekken starten: bij toegangspoort Deurze in Rolde (punt 1 in de routebeschrijving) of bij P-plaats Galgenriet aan de Gasterenseweg tussen Loon en Gasteren. Bij alletwee de startpunten is een parkeerplaats. Kom je per openbaar vervoer, begin dan bij toegangspoort Deurze. Dat is per bus of OV-fiets bereikbaar vanaf NS-station Assen.
Honden mogen mee, mits aangelijnd. Vergeet niet om vooraf de routebeschrijving te downloaden (de route is niet gemarkeerd met paaltjes).

Horeca
Er is horeca bij de het startpunt in Deurze (Café De Aanleg) En onderweg in de dorpen Taarlo en Rolde.

Flora en fauna
In het voorjaar en de zomer zijn de beekdalen zijn vol bloemen, vogelzang, vlinders en andere insecten. Op het Ballooërveld broedt in het voorjaar de veldleeuwerik. Zijn kenmerkende zang boven het heideveld is een prachtig geluid, dat steeds minder vaak te horen is in ons land. En met een beetje geluk zie je hier op zonnige dagen heideblauwtjes vliegen. Deze vlinders komen af op de nectar van dophei, struikhei en muizenoor. ‘s Avonds zoeken ze samen een slaapplek, bijvoorbeeld tussen het pijpenstrootje. En loop je hier ‘s zomers in de schemer, houd dan je ogen en oren open voor de nachtzwaluw. Deze mysterieuze vogel bakent zijn territorium af door bij invallende duisternis een monotoon ratelend geluid te produceren.