Ziekten door teken

Teken kunnen verschillende ziekteverwekkers bij zich dragen die kunnen worden overgebracht naar de mens. De bekendste teken-overdraagbare ziekte in Nederland is de ziekte van Lyme. Een van de andere ziekteverwekkers die door teken overgedragen kan worden is het Tick-borne encephalitis virus (TBE virus). Andere tekenoverdraagbare ziekteverwekkers die gevonden worden in teken in Nederland zijn Anaplasma phagocytophilum, Borrelia miyamotoi, Neoehrlichia mikurensis, Babesia en Rickettsia soorten. Van deze tekenoverdraagbare ziekten is nog onduidelijk of en hoe vaak deze bij mensen voorkomen in Nederland. We weten wel dat 30 procent van de teken één of meer van deze ziekteverwekkers bij zich draagt. Nog onbekend is of co-infecties van Lymeziekte en andere tekenbeetziekten ernstiger verlopen.

Ziekte van Lyme

De ziekte van Lyme is een infectieziekte die door de Borrelia bacterie wordt veroorzaakt. Het meest voorkomende signaal van de ziekte van Lyme is een rode ring- of vlekvormige huiduitslag (erythema migrans) op de plaats waar de teek heeft gebeten. Soms is er sprake van een blauwachtige of roze vlek. De ring of vlek verschijnt meestal na enkele dagen tot twee weken na de tekenbeet, maar dat kan ook pas na 3 maanden zijn. Het is dus belangrijk de plek van de tekenbeet een aantal maanden goed in de gaten te houden. De ring of vlek wordt steeds groter, wat typerend is voor de ziekte van Lyme. Uiteindelijk verdwijnt de ring of vlek vanzelf. Dit hoeft niet te betekenen dat de bacterie weg is. De bacterie kan in het lichaam aanwezig blijven en later schade aanrichten. Soms kunnen mensen besmet raken met de bacterie zonder dat ze een rode ring of vlek hebben gezien.

Eenmaal in het lichaam, richt de bacterie zich vooral op zenuwweefsel, gewrichten, de huid en het hart. De klachten die daaruit voort kunnen komen zijn in eerste instantie griepachtige klachten of soms opzwelling van oorlel of tepel. Deze klachten komen meestal binnen 3 maanden.

Als de ziekte niet opgemerkt wordt kan het overgaan naar een volgende fase. Dan kunnen neurologische, gewrichts-, huid- of hartklachten ontstaan. Er wordt dan gesproken over late Lymeziekte. Welke klachten iemand krijgt verschilt per persoon. Aandoeningen aan de zenuwen komen het meest voor. Dit kan zenuwpijn of zenuwuitval op verschillende plaatsen in het lijf tot gevolg hebben. Voorbeelden zijn verlamming van de gezichtsspieren of pijn en krachtsvermindering aan een arm of been. Ook kunnen mensen gewrichtsklachten, huidaandoeningen of hartritmestoornissen krijgen.

De ziekte van Lyme is te behandelen met antibiotica. Hoe eerder de ziekte wordt opgemerkt hoe beter de behandeling zal aanslaan. In een laat stadium kunnen mensen klachten houden na behandeling. Dit kan ook het geval zijn als de Borrelia bacterie niet meer aanwezig is. Dit noemt men ook wel het post-Lymeziektesyndroom.

Hoeveel teken zijn besmet?

In Nederland is gemiddeld één op de vijf teken (20 procent) besmet met de Borrelia bacterie die de ziekte van Lyme kan veroorzaken. Wel zijn er grote verschillen: op de ene plaats is de helft van de teken besmet, op andere bijna geen. Er is nog onduidelijk waar deze variatie door wordt bepaald. Het hangt waarschijnlijk af van het gebied, de begroeiing, het aantal besmette knaagdieren en de tekendichtheid. Een beet met een besmette teek leidt niet altijd tot de ziekte van Lyme.

TBE virus

Het TBE virus kan voorkomen bij zowel kleine als grote wilde zoogdieren zoals wilde knaagdieren (muizen, eekhoorn), reeën en schapen. Door een beet van een besmette teek of via het drinken van rauwe melk van besmette dieren, kan het virus overgaan op de mens. Hoewel teken-encefalitis vaak zonder ziekteverschijnselen verloopt, kan het virus ook het centrale zenuwstelsel aantasten en een ontsteking aan hersenvliezen of hersenen veroorzaken. Eerder kwam het TBE virus alleen in het buitenland voor, maar in het voorjaar van 2016 kwamen er aanwijzingen dat in Nederland reeën besmet zijn geweest met het virus en is het virus ook bij teken aangetoond in Nederland. Er zijn nu enkele patiënten bekend die het virus in Nederland hebben opgelopen, onder andere op of rondom de Sallandse heuvelrug. Samen met andere organisaties onderzoekt het RIVM de verspreiding van het TBE-virus en hoe groot het risico is om in Nederland teken-encefalitis op te lopen.